Simon Hay: Integrale visie op kinderopvang?

Kinderopvang is een arbeidsparticipatie-instrument, als je kijkt vanuit hoe de financiering geregeld is. Anderzijds wordt kinderopvang steeds meer, en primair, gezien als ontwikkelinstrument voor kinderen. Kinderopvang is dus zowel een middel om de ontwikkeling van kinderen te ondersteunen als een manier om participatie van met name moeders faciliteren. En dat maakt de discussies binnen de sector ingewikkeld, zeker waar gesproken wordt over wet- en regelgeving.

Tijdens het Algemeen Overleg kinderopvang van de vaste Kamercommissie SZW van de Tweede Kamer afgelopen juni werd gesproken over een integrale visie op kinderopvang. De woordvoerders kinderopvang zien door alle verschillende discussies over de financiering, het toezicht, vaccinatiebeleid en kwaliteit door de bomen het bos niet meer. Er wordt gezegd dat er van alles gepolst en gemonitord wordt, maar dat er nog geen sprake is van een goed totaaloverzicht. Een aantal woordvoerders drong aan op een visiestuk, wat overigens vooral gericht moet zijn op de ontwikkeling van kinderen. En met succes, Staatssecretaris Van Ark heeft de toezegging gedaan te komen met een integrale visie op kinderopvang.
Maar dit is pas het begin. De toezegging is gedaan een integrale visie op kinderopvang op te stellen en dit zullen de woordvoerders kinderopvang vast gaan polsen en monitoren. Het is volgens mij nog wel zoeken hoe en met wie een dergelijke visie vorm te geven.

Leren van het buitenland: Zweden

We kunnen wellicht wat leren uit het buitenland. In Zweden bijvoorbeeld worden vanuit landelijk beleid curricula verplicht gesteld voor zowel kinderopvang als primair onderwijs. Een nationaal orgaan, de Swedish National Agency for Education, begeleidt, ondersteunt en evalueert het systeem met als doel de kwaliteit te optimaliseren. Er wordt gedacht vanuit het perspectief van kinderen, zo is bijvoorbeeld ook een meer ontwikkelingspsychologische keuze gemaakt voor de onderverdeling in de leeftijd door kinderopvang te zien als middel voor spelend leren tot 6 jaar oud en formeel leren binnen het primair onderwijs vanaf 6 jaar oud. Verder is de ouderschapsverlofregeling meer uitgebreid, hebben ouders flexibiliteit in werktijden, de kwaliteit van de kinderopvang is hoog en worden beide ouders gestimuleerd om te gaan werken.

Vlaamse pedagogisch raamwerk

Het Vlaamse pedagogisch raamwerk voor de kinderopvang van baby’s en peuters is een ander mooi voorbeeld. In dit raamwerk komt de maatschappelijke functie van kinderopvang goed aan bod. Er wordt gesproken over maatschappelijke participatie, voorbereiden op de samenleving, sociale inclusie, democratisch burgerschap en hoe goede kinderopvang vorm kan geven aan deze maatschappelijke functie.

Internationale vergelijking

Wat internationale vergelijking interessant maakt is dat we vraagstukken vanuit onze context proberen te beantwoorden met voorbeelden uit een andere context. Wij worden daardoor gedwongen kritisch te kijken naar onze eigen context, en vraagtekens te durven zetten bij zaken die wij wellicht als gegeven hebben aangenomen.

Middel of doel

Na deze opsomming en vergelijking met internationale voorbeelden denk ik dat een integrale visie op kinderopvang een nog te smalle focus is. We kijken nog steeds vanuit het middel (kinderopvang) en nog te weinig naar het doel, in dit geval kindontwikkeling. Wellicht te ambitieus, maar ik pleit voor een integrale visie op kindontwikkeling. Dus over sectoren en departementen heen. Beginnen bij het begin. Uit de visie op kindontwikkeling vloeit de visie op kinderopvang voort.